Bouwproducten
Verordening 2024/3110/EU bevat Europese regels voor het op de markt brengen van bouwproducten. Ze is van toepassing sinds 8 januari 2026. Op die datum werd ook de vorige verordening (2011/305/EU) ingetrokken. De verordening bevat de verplichtingen van fabrikanten, importeurs en andere marktdeelnemers bij het op de markt brengen van bouwproducten, met als doel de naleving te verbeteren en consumenten beter te beschermen.
Met een bouwproduct wordt elk product bedoeld dat bestemd is om blijvend te worden verwerkt in bouwwerken. Dat is een ruime omschrijving en omvat producten zoals deuren, vlechtijzer, betonelementen, hout voor een gebinte, dakpannen, bakstenen, ramen, tegels, thermisch isolatieschuim en waterdichtingsplaten. Ook de elementen die deel uitmaken van een systeem en definitief geïntegreerd worden in het bouwwerk, zoals rookdetectors of verankeringspunten, zijn bouwproducten.
Op de markt brengen
In tegenstelling tot andere wetgeving met harmonisatieregels voor de interne EU-markt (bv. machines, pbm), staan in de bouwproductenverordening geen uitgebreide essentiële veiligheid- en gezondheidseisen. De verordening somt enkel acht fundamentele eisen op (bijlage 1). De verordening legt wel geharmoniseerde regels vast over hoe de prestaties met betrekking tot die fundamentele eisen (bv. brandgedrag, warmtegeleidingsvermogen, geluidsisolatie) moeten worden uitgedrukt en voorziet ook geharmoniseerde regels voor het aanbrengen van de CE-markering.
Daarnaast blijven bouwwerken de bevoegdheid van de lidstaten. Lidstaten kunnen bijvoorbeeld eisen uitvaardigen op het vlak van brand of milieu die gelden voor gebouwen. Ze kunnen dan wel het gebruik opleggen van bouwproducten met specifieke prestatiekenmerken en daarvoor verwijzen naar het kader zoals vastgelegd door de bouwproductenverordening. Een voorbeeld is de Belgische wetgeving brandveiligheid gebouwen (KB basisnormen), waarin bijvoorbeeld voor de eisen inzake brandweerstand wordt verwezen naar de EU-prestatieklassen voor bouwproducten.
CE-markering maar…
De bouwproductenverordening 2024/3110/EU voorziet net zoals de vorige verordening uit 2011 een CE-markering, maar die is enkel verplicht voor producten waarvoor een geharmoniseerde norm ter beschikking is. Voor andere producten kunnen fabrikanten kiezen voor een vrijwillige CE-markering door de uitvoering van een Europese technische beoordeling (ETA - European Technical Assessment) op basis van een Europees technisch beoordelingsdocument (EAD - European Assessment Document). De fabrikant moet daarvoor aankloppen bij een technische beoordelingsinstanties. De vrijwillige CE-markering wordt ook de EOTA-route genoemd (European Organisation for Technical Assessment). Het doel van deze vrijwillige CE-markering is om ook fabrikanten van innovatieve of specifieke bouwproducten de mogelijkheid te bieden om toch een CE-markering te bekomen. In de praktijk bleek echter dat er te weinig geharmoniseerde normen zijn ontwikkeld, waardoor fabrikanten ook voor ‘standaard’ producten genoodzaakt waren om de EOTA-route te volgen of om hun producten zonder CE-markering op de markt te brengen.
Meer geharmoniseerde normen
De verordening behoudt het systeem van verplichte en vrijwillige CE-markering maar heeft het gebrek aan geharmoniseerde normen aangepakt, o.m. door meer middelen, een betere coördinatie en een efficiënter proces voor de goedkeuring en publicatie. De EOTA-route is ook behouden gebleven, maar in vergelijking met de vorige verordening, zijn de regels verduidelijkt om aan te geven dat die ‘route’ enkel nodig is voor producten waarvoor geen geharmoniseerde normen mogelijk zijn.
Digitaal productpaspoort
De verordening 2024/3110/EU voorziet een digitaal productpaspoort voor een bouwproduct. Dat laat toe om snel en nauwkeurig informatie uit te wisselen over productprestaties en om makkelijk gebruiksinstructies terug te vinden.
Het digitaal productpaspoort bevat o.a. volgende informatie:
- de prestatie- en conformiteitsverklaring
- algemene productinformatie, gebruiksaanwijzingen en veiligheidsinformatie
- technische documentatie en etikettering
- unieke identificatiemiddelen en gegevens van belangrijke onderdelen
Het digitaal productpaspoort is verplicht voor elk product dat wordt gereguleerd door geharmoniseerde technische specificaties of Europese beoordelingsdocumenten in het kader van de bouwproductenverordening (niet die van 2011). Voor de concrete implementatie is het wachten op een gedelegeerde handeling.
Milieu en duurzaamheid
De betere beschikbaarheid van informatie is ook noodzakelijk om de recyclage en het hergebruik van bouwmaterialen te bevorderen. Op die manier sluit de verordening aan bij de Europese ambities rond duurzaamheid, milieu en klimaat. De verordening legt een grote nadruk op de milieuprestaties van bouwproducten, onder meer door het benadrukken en uitbreiden van die aspecten in de fundamentele eisen voor bouwproducten (bijlage 1). De milieuprestaties worden ook opgenomen in de prestatie- en conformiteitsverklaring en het digitaal productpaspoort.
Bron/Meer info: