Campagne voor veilig fietsen wordt werk van lange adem

Op een gezonde en filevrije manier op het werk geraken, en daar bovendien nog eens een belastingvrije kilometervergoeding voor krijgen, wie wil dat nu niet? LANXESS zag zijn fietserspopulatie groeien na de invoering van de fietsvergoeding in 2012. Helaas steeg het aantal woon/werkongevallen evenredig. Reden voor LANXESS om samen met het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid (BIVV) een project rond fietsveiligheid op te starten: Bike@Work.

Meer ongevallen met fietsers
Het aantal woon/werkongevallen bij LANXESS is na de invoering van de fietsvergoeding in 2012 helaas aan een opmars bezig. Opmerkelijk is dat dit gebeurt op een op zich vrij constante populatie (periode 2013-2016) van ca. 280 personen, die naar de site Kallo op Linkeroever en Lillo op Rechteroever fietsen.  Dat fietsen tot meer ongevallen met kwetsuren leidt, is op zich niet verwonderlijk. Een fietser is nu eenmaal veel kwetsbaarder dan een automobilist. Onbeschermd en balancerend op twee wielen zijn de gevolgen van een fietsincident vrijwel altijd met lichamelijk letsel.




Een analyse van deze ongevallen over de periode december 2013 tot en met augustus 2016 toont aan dat ruim 64% van alle woon-werkongevallen fietsgerelateerd zijn. Daarbij valt op dat het overgrote deel van de fietsongevallen eenzijdige ongevallen betreft (70%) (Fig. 2). Botsingen met motorvoertuigen (25%) en zeker collega-fietsers (5%) zijn zeldzamer.

 

Oorzaken eenzijdige fietsongevallen
Bekijken we vervolgens de eenzijdige ongevallen in wat meer detail, dan blijkt het vrijwel uitsluitend te gaan over valpartijen, weliswaar met verschillende oorzaken (Fig. 3)

 

Van een deel is de oorzaak helaas onbekend, mede omdat deze niet altijd werd vermeld. Als grootste oorzaak kan echter uitglijden worden aangewezen. Niet alleen in de winter door sneeuw en ijzel (18%), maar zelfs nog vaker door niet-winterse omstandigheden zoals een nat wegdek of kiezel (26%). Vervolgens komt een notoir fenomeen aan bod: de spoorwegovergang (10%). Deze zijn in havengebied talrijk aanwezig, en vaak kruisen zij de fietspaden niet haaks; waardoor het risico om met het voorwiel in de uitsparing vast te komen zitten en te vallen erg groot is. Botsingen met andere obstakels zoals nadarhekken of vangrails (8%) staan op een gelijke plaats met valpartijen door technische mankementen aan de fiets (8%), bijvoorbeeld door een brekende ketting of trapas.

Preventiemaatregelen per oorzaak
De vraag is nu wat de oorzaak zou kunnen zijn van dit hoge aantal eenzijdige fietsongevallen en welke preventiemaatregelen hier aan te koppelen zijn:

- Inherente kwetsbaarheid: zoals reeds gezegd heeft de fietser, in tegenstelling tot een automobilist, geen 2 ton staal rond zich heen en moet hij zich op 2 wielen al balancerend door het verkeer bewegen. Ieder incident zal onherroepelijk tot een valpartij leiden, waarbij het zaak is het lichamelijk letsel te beperken. Uiteraard is hier een degelijke fietshelm een allereerste vereiste. Verder zal bijvoorbeeld het dragen van handschoenen, ook als het niet koud is, bijdragen tot het beperken van letsel aan de handen bij valpartijen.

- Gebrek aan fietservaring: de invoering van de fietsvergoeding was een impuls voor veel mensen om op de fiets te stappen – ook voor minder ervaren fietsers. Bovendien doet deze laatste groep nogal eens een beroep op de elektrische fiets, waarmee men hogere snelheden haalt. We zien dat bijvoorbeeld aan het feit dat een deel van de valpartijen in bochten gebeurt, waarbij men de fiets niet onder controle heeft.

- Technische staat van de fiets: hoewel een direct technisch defect (kapotte of versleten ketting of trapas) niet bovenaan staat bij de ongevalsoorzaken, kan ook de keuze van het type fiets een oorzaak zijn van ongevallen. Voor het woon/werkverkeer van en naar de haven kan bijvoorbeeld de racefiets ter discussie worden gesteld. De infrastructuur met spoorwegovergangen en oversteken bij sluizen zijn gevaarlijk voor fietsen met zulke dunne bandjes. Bovendien maakt het ontbreken van profiel op racebanden ze vaak ook ongeschikt voor het rijden door regenweer, iets wat op woon/werkverplaatsingen niet altijd te vermijden is.

- Gebrek aan kennis van of niet opvolgen van de wegcode: als direct aanwijsbare oorzaak hebben we deze niet in de statistiek teruggevonden, maar tenminste een deel van de valpartijen en botsingen “met oorzaak onbekend” zullen te maken hebben met het niet kennen van de plaats van de fietser op de weg of het niet opvolgen van de verkeersregels. Frappant blijft daarbij het aantal fietsers dat door rood rijdt, of een bocht in het fietspad afsnijdt via de rijbaan voor auto’s. Beide zijn gevaarlijke en zinloze gewoontes, want het leidt niet tot merkbare tijdwinst. Maar ook het met losse handen fietsen of gsm-en op de fiets viert helaas nog altijd hoogtij.

- Zichtbaarheid: het merendeel van de fietsongevallen bij LANXESS gebeurt tussen september en april (figuur 4), een periode waar, naast de weersomstandigheden, de zichtbaarheid in het donker zeker een rol zal spelen.


Een goede verlichting is en blijft daarbij de eerste vereiste. Gelukkig zijn de ontwikkelingen in de led- en batterijtechniek de jongste jaren dusdanig dat betaalbare en goede fietsverlichting voor niemand meer een probleem mag zijn. Al blijft het bij batterijverlichting belangrijk om de laadstatus in de gaten te houden en altijd een setje redundante verlichting bij te hebben. Verder staat het nut van het dragen van fluorescerende kledij in het donker inmiddels bij niemand meer ter discussie, en hebben de meeste fietsers spaakreflectoren.

- Infrastructuur: de tekortkomingen van het Belgische wegennet zijn ondertussen haast spreekwoordelijk, ook de fietsinfrastructuur ontkomt hier niet aan. Toch zijn de jongste jaren door steden en gemeenten inspanningen verricht deze achterstanden weg te werken en verbetert de situatie voor de fietser zich jaarlijks. Zij het niet overal even snel. Een bijzondere moeilijkheid geldt natuurlijk voor bedrijven die in de haven liggen. Door de reeds eerder vermelde vele spoorwegovergangen, sluizen- en bruggencomplexen en intensiteit van het verkeer zijn haar fietsende werknemers hier aan meer gevaren blootgesteld. Het wegwerken van gevaarlijke punten is daarbij in ieders belang, maar vereist tijd en geld.  Iets wat niet wordt bevorderd door de versnipperdheid van bevoegdheden in de Haven. Wie is verantwoordelijk voor welke weg?. Tot die tijd zal de fietser bij gevaarlijke punten goed moeten blijven opletten, iets waarop de Haven bijvoorbeeld inspeelt door haar “Ongehavend” app.

- Weersomstandigheden: zoals eerder al aangehaald, gebeurt het merendeel van de fietsongevallen bij LANXESS tussen september en april, wanneer het ook regenachtig en koud is. Vooral bij gladheid is het gebruik van de fiets sterk af te raden. De fietser bij LANXESS kan altijd gebruik maken van het collectieve busvervoer (I-bus) en het geldt als uitdaging om op ijzeldagen de mensen er van te overtuigen de fiets te laten staan.

Implementatie van de maatregelen
Om bovengenoemde preventiemaatregelen aan de man te krijgen is LANXESS in 2015 gestart met het programma Bike @ Work, in samenwerking met het BIVV. Het omvat een pakket aan concrete acties die zich het best laten verduidelijken wanneer we de eerder genoemde preventiemaatregelen onderverdelen techniek, organisatie en gedrag.

Techniek: controle van de technische staat van de fiets, werd in het Bike@Work programma aangepakt door een gerichte controle van de fietsen in de fietsenstalling door daartoe opgeleide LANXESS medewerkers. Aan de hand van een steekkaart (Figuur 5) werden een aantal wettelijk verplichte vereisten (remmen, bel, reflector e.d.) afgelopen, als ook aanbevelingen gegeven voor een veilig fietsgebruik (banden, ketting e.d.)
Technische oplossingen voor het probleem van zichtbaarheid werden in het Bike@Work programma gepromoot via een interne mediacampagne: Wat is goede fietsverlichting, welke mogelijkheden voor zijdelingse reflectie zijn er (spaakreflectoren). Ook het uitreiken van technisch veiligheidsmateriaal vond in beperkte mate plaats in de vorm van fluorescerende rugzakhoezen. Hier moet wel bij opgemerkt worden dat door invoering van de fietsvergoeding iedereen in staat moet zijn om zelf deugdelijk veiligheidsmateriaal aan te schaffen.

Organisatie: ook al onttrekt het woon-werkverkeer zich aan de interne regels van een bedrijf, toch kan men ook maatregelen in deze categorie indelen wanneer men stelt dat alles wat van overheidswege komt hieronder valt, met name verkeersregels en infrastructuur. Kennis van verkeersregels werd binnen Bike @ Work getoetst met een fietsquiz via internet (Fig. 6) waarin de werknemers hun kennis van de wegcode voor fietsers konden toetsenRond infrastructuur en gevaarlijke punten op het woon/werktraject werd ook een interne mediacampagne gevoerd om de fietsers er bewust van te maken de tekortkomingen door te geven aan de overheid, waarvan in dit geval het meldpunt fietspaden het meest relevant is.

Gedrag: verreweg het moeilijkste thema is proberen het gedrag van de fietser ten positieve te beïnvloeden: Ben ik iemand met veel fietservaring? Rijd ik altijd defensief ? Volg ik de verkeersregels op? Laat ik de fiets staan als het gesneeuwd heeft? Bij LANXESS werd daarom gekozen deze punten aan bod te laten komen in een workshop (september-december 2015) waarop met de deelnemers over deze punten in discussie werd gegaan. Het grootste deel van de fietspopulatie werd hier mee bereikt en werd door de deelnemers als zeer positief ervaren.

Nog een lange weg af te leggen
Als afsluiter rijst natuurlijk de vraag is in hoeverre de campagne zich vertaalt in lagere ongevalscijfers. Om hierover iets te kunnen zeggen is het nog te vroeg. Bekijken we de statistiek van 2016 tot en met augustus, dan moeten we concluderen dat nog altijd rond de 10% van de fietsers jaarlijks een (bijna-) ongeval meemaakt. Het lijkt er dus op dat de bewustwordingscampagne rond de gevaren van fietsen een werk van lange adem is en jaar na jaar onder de aandacht van de medewerkers gebracht moet blijven worden.
 

Over de auteur: Robert van Mullekom, bedrijfsleider op het cyclohexanonbedrijf van LANXESS nv in de Antwerpse haven en voorzitter van de werkgroep verkeersveiligheid, zelf goed voor jaarlijks ca. 8000 woon-werkkilometers per fiets

: PreventFocus 8/2016