Zichtbaarheid van mobiele arbeidsmiddelen

Aanrijdingen van voetgangers door mobiele arbeidsmiddelen is een ernstig ongevalrisico. Bij de preventie van dergelijke ongevallen speelt de zichtbaarheid een belangrijke rol. Een literatuuronderzoek naar de zichtbaarheid van mobiele arbeidsmiddelen belichtte deze problematiek van naderbij.

Gezichtsveld vs. zichtbaarheid
Het onderzoek naar de visuele informatie voor chauffeurs hanteert twee complementaire begrippen, namelijk zichtbaarheid en gezichtsveld. Indien een chauffeur van bijvoorbeeld een heftruck een voetganger wil opmerken, dan moet de voetganger zich in zijn gezichtsveld bevinden en hij moet zichtbaar zijn. Het gezichtsveld is een eigenschap van het menselijk visueel systeem. Het komt overeen met alle punten in de ruimte die gelijktijdig kunnen waargenomen worden door het oog of de ogen.
De zichtbaarheid of ook nog het uitzicht dat het voertuig biedt aan de chauffeur, is een kenmerk van het voertuig. De zichtbaarheid wordt beïnvloed door de vorm (koetswerk, bestuurdersplaats, ...) die als het ware een filter is tussen de omgeving en de ogen van de bestuurder. De zichtbaarheid kan ook rechtstreeks of onrechtstreeks (waarneming via spiegels e.a.) zijn. Beide aspecten, gezichtsveld en zichtbaarheid, zijn duidelijk complementaire begrippen die een brede expertise vragen. In dit onderzoek werd enkel gekeken naar het aspect zichtbaarheid.

Oorzaak van ongevallen
Structurele elementen van mobiele arbeidsmiddelen kunnen de zichtbaarheid hinderen, ondanks de technische vooruitgang die geboekt werd de voorbije jaren. Sommige van die structurele elementen zijn trouwens beveiligingssystemen zoals ROPS (roll-over protection structures) tegen omkantelen en FOPS (falling-object protective structures) tegen vallende voorwerpen. De zones – dode hoeken – die op die manier aan het gezicht onttrokken worden, kunnen bovendien wijzigen in functie van de lasten die vervoerd worden, van de positie en van de configuratie van het voertuig. Om de dode hoeken te compenseren, wringen chauffeurs zich vaak in allerlei bochten, met belastende houdingen voor de rug en nek als gevolg.

Bovendien houdt de beperkte zichtbaarheid een ernstig risico in, met name voor
- de chauffeur die op die manier gevaarlijke situaties (obstakels, hellingen) niet ziet aankomen;
- personen die zich in de buurt van het voertuig bevinden.

Uit cijfers op basis van Franse ongevallenverslagen blijkt dat tussen een kwart en de helft van de ongevallen 'aanrijdingen voertuigen-voetgangers' had kunnen voorkomen worden bij een perfecte zichtbaarheid (grafiek 1).

Grafiek 1: Schatting (%) van ongevallen die bij een betere zichtbaarheid al dan niet een invloed gehad zouden hebben


 
Eisen
Op grondverzetmachines en op andere mobiele arbeidsmiddelen is de richtlijn machines van toepassing. Fabrikanten kunnen deze arbeidsmiddelen enkel op de markt brengen indien ze voldoen aan een aantal essentiële veiligheids- en gezondheidseisen. De eisen in verband met zichtbaarheid zijn in algemene termen opgenomen in de richtlijn (zie kader). De fabrikanten kunnen een aantel normen hanteren om deze eisen in te vullen. Voor grondverzetmachines is dat de norm EN 474 die naar de normen ISO 5006 en ISO 14401 verwijst. Voor mobiele arbeidsmiddelen zoals heftrucks zijn dat de (ontwerp)normen EN 15830 en ISO 13564 (zie kader). 

Richtlijn Machines, bijlage 1, essentiële veiligheids- en gezondheidseisen
Het zicht vanaf de bestuurdersplaats moet zodanig zijn dat de bestuurder de machine met haar gereedschappen in de voorzienbare werkomstandigheden veilig kan doen werken zonder dat hijzelf of andere personen aan gevaar worden blootgesteld. Indien nodig moeten risico's wegens ontoereikend direct zicht, met behulp van passende middelen worden weggenomen (3.2).
De bedieningspost van de machines moet zich op een plaats bevinden waar het zicht op de baan van de bewegende delen optimaal is om mogelijke botsingen met personen, materieel of andere machines die tegelijkertijd kunnen bewegen en die een mogelijke bron van gevaar zijn, te voorkomen.

Normen i.v.m. zichtbaarheid en mobiele arbeidsmiddelen
Grondverzetmachines
EN 474 Grondverzetmachines - Veiligheid - Deel 1: Algemene eisen
ISO 5006 Grondverzetmachines - Bestuurders gezichtsveld - Beproevingsmethode en prestatie-eisen
ISO 14401 Grondverzetmachines - Blikveld van zijspiegels en achteruitkijkspiegels

Heftrucks
EN 15830 Terreintransportwerktuigen met variabele reikwijdte - Zichtveld - Beproevingsmethoden en verificatie
EN-ISO 13564 Gemotoriseerde transportwerktuigen - Beproevingsmethoden voor de verificatie van het zicht - Deel 1: Transportwerktuigen met op het werktuig zittende of staande bestuurder met een capaciteit tot en met 10 ton

 

Testen onvoldoende?
Deze normen maken gebruik van verschillende testmethoden om aan te geven welke zichtbaarheid door de voertuigen verzekerd moet zijn. Algemeen kan gesteld worden dat deze methoden gebruik maken van lampen (ogen van de chauffeur) om vervolgens de schaduwen (dode hoeken) te meten. In de literatuur zijn verschillende studies beschikbaar die kritiek geven op deze normen omdat ze onvoldoende rekening houden met bijvoorbeeld dynamische situaties. Alternatieve testen zijn bekeken waarbij door middel van virtuele technieken situaties worden gesimuleerd. Er is echter onvoldoende informatie beschikbaar in de literatuur waarbij de resultaten van dit soort tests vergeleken worden met testen op basis van de methoden uit de normen.

Visuele hulpmiddelen inzetten
Hulpmiddelen zoals spiegels en camera's kunnen ingezet worden om de dode hoeken te beperken. De auteur bespreekt de efficiëntie van deze hulpmiddelen aan de hand van enkele studies. Deze studies behelzen enkel vrachtwagens en tonen aan dat de efficiëntie sterk afhankelijk is van de plaatsing en de configuratie van het systeem, alsook van de werkzaamheden en taken van de chauffeur. Daarenboven zijn er cognitieve beperkingen. Het is voor een chauffeur niet altijd makkelijk om de informatie te verwerken die wordt aangeboden door camera's en tegelijkertijd een voertuig te besturen. Dit risico kan ingeperkt worden door deze systemen bijkomend uit te rusten met detectie- en waarschuwingssignalen. 

Op de werkvloer
De normen die gelden voor mobiele arbeidsmiddelen zijn zeker voor verbetering vatbaar. Gelukkig is er een gunstige evolutie merkbaar waarbij fabrikanten zelf heel wat aandacht besteden aan de zichtbaarheid. Belangrijk is ook dat de gebruikers van mobiele arbeidsmiddelen op het terrein het zichtbaarheid vanuit hun voertuig vrijwaren en niet beperken door bijvoorbeeld allerlei accessoires. Gebruikers kunnen het zichtbaarheid vanuit bestaande arbeidsmiddelen ook verbeteren door visuele hulpmiddelen toe te voegen. De keuze van de hulpmiddelen vergt een grondige analyse. Een spiegel of een scherm dat slecht geplaatst is in functie van de taken die de chauffeur moet uitvoeren, doet sterk afbreuk aan de efficiëntie ervan.
Bij de implementatie van visuele hulpmiddelen moeten de chauffeurs ook aanleren hoe ermee om te gaan. Elementen die in de opleiding aan bod moeten komen zijn de werking, de afstelling, het onderhoud, en specifieke gebruiksinstructies.
Tot slot is het belangrijk om aan te stippen dat het uitrusten van voertuigen met allerlei systemen om het zichtbaarheid te verbeteren,  organisatorische maatregelen zoals het scheiden van voertuigen en voetgangers niet kan vervangen.

Bron: Jacques Marsot, Visibilité et prévention des collisions engins-piétons. Analyse bibliographiques, Hygiène et sécurité du travail, 2011, 224, pp. 9-18.

: PreventFocus 06/2012