Toezicht op de naleving van de wetgeving welzijn op het werk

In een parlementaire vraag maakt volksvertegenwoordiger, Kattrin Jadin, zich zorgen over de opvolging van het niet naleven van welzijnsstandaarden in (kleine) Belgische ondernemingen. De Minister van Werk geeft in zijn antwoord toelichting bij de werking van de Algemene Directie Toezicht op het Welzijn op het Werk.  

Klachten en controles
In 2015 dienden werknemers meer klachten in over de niet-naleving van de welzijnswetgeving door hun bedrijf dan in 2014. 
Wanneer er bij de FOD een klacht wordt ingediend, dan start de Algemene Directie Toezicht op het Welzijn op het Werk (AD TWW) een controle. Deze kan aanleiding geven tot een waarschuwing en eventueel tot de verplichting om binnen een bepaalde termijn aan de voorschriften te voldoen. In het ergste geval kunnen de inspecteurs beslissen het bedrijf meteen te sluiten.

De vraag: klachten, controles en maatregelen voor kmo’s
De volksvertegenwoordiger had graag precieze cijfers van 2015 gekregen wat betreft het toezicht op de naleving van de wetgeving welzijn op het werk en meer bepaald over:
- het aantal kmo's waartegen een klacht werd ingediend en het aantal kmo's dat effectief aansprakelijk werd gesteld;
- het aantal ondernemingen dat gesloten werd op grond van een beslissing van de AD TWW en de gevolgen voor deze bedrijven.
Ze wil ook weten welke specifieke maatregelen genomen zijn voor kleine ondernemingen om het niet-naleven van de welzijnswetgeving aan te pakken.

Anonimiteit
In zijn antwoord benadrukt minister van Werk de discretieplicht van de sociaal inspecteurs.
De klachten worden behandeld volgens een zeer strikte procedure waarbij de anonimiteit volledig gewaarborgd wordt. Dit gebeurt in het kader van de bepalingen uit het Sociaal Strafwetboek en de overeenkomstige interne procedures eigen aan het kwaliteitsmanagementsysteem volgens de IS0 9001 norm, waarvoor deze inspectiedienst gecertificeerd is.
Het is de inspecteurs verboden om aan de werkgever (of zijn vertegenwoordiger) te onthullen dat een onderzoek werd ingesteld naar aanleiding van een klacht. Evenmin mogen zij zonder uitdrukkelijke toestemming van de klager zijn identiteit bekendmaken, zelfs niet voor de rechtbank.

Klachten neergelegd
In 2015 werden er 1.165 klachten over de niet-naleving van één of meerdere aspecten van de welzijnsregelgeving ingediend bij de inspectiediensten van de Afdeling Regionaal Toezicht van de AD TWW.
De FOD Werkgelegenheid heeft geen statistische gegevens die deze klachten volgens het aantal werknemers van de onderneming indeelt. Het is dus niet mogelijk om het aantal klachten over KMO’s te bepalen.
Daarnaast onderscheidt men de klachten inzake psychosociale risico's op het werk en meer bepaald de individuele klachten. Die kunnen alleen worden behandeld als de klager akkoord gaat met de opheffing van zijn anonimiteit.

Sluitingen?
In 2015 werden er 1.266 stopzettingen uitgevoerd en 282 maatregelen opgelegd.
Wat de sluiting van bedrijven betreft moeten de sociaal inspecteurs, het legaliteits-, finaliteits- en proportionaliteitsbeginsel naleven, zoals omschreven en vastgelegd in het Sociaal Strafwetboek.
Er zullen dan ook geen ondernemingen in hun totaliteit worden gesloten, maar er zullen wel bepaalde activiteiten worden stopgezet wanneer de gezondheid of veiligheid van de werknemers dit vereisen. Dit is bijvoorbeeld van toepassing bij bouwplaatsen waar de werknemers aan valgevaar zijn blootgesteld en de werkgever geen of geen afdoende preventiemaatregelen heeft genomen. Of voor uitgravingen waar onvoldoende preventiemaatregelen genomen zijn om instortingsgevaar te voorkomen. Het niet-naleven van organisatorische maatregelen, zoals de niet-aanstelling van een veiligheids- en gezondheidscoördinator op tijdelijke of mobiele bouwplaatsen wordt ook in acht genomen. 

Specifieke maatregelen kmo’s
Bij de specifieke maatregelen om het welzijn op het werk in kmo’s te verbeteren, haalt de minister van Werk de voordelige tarieven voor kleine ondernemingen aan. Dit in het kader van de nieuwe tariferingsregels voor de externe diensten PBW, die op 1 januari 2016 in voege getreden zijn. Deze regels benadrukken onder andere het recht van de micro-ondernemingen (die maximaal vijf werknemers tewerkstellen) om dezelfde dienstverlening als kleine en middelgrote ondernemingen te krijgen. Hierdoor zullen zij hun preventiebeleid in hun onderneming beter kunnen ontwikkelen en beter afstemmen op hun specifieke behoeften.

Bron: Antwoord van de minister van Werk van 8 september 2016, op de vraag nr. 937 van mevrouw de volksvertegenwoordiger Kattrin Jadin van 5 juli 2016
 

: PreventMail 2017/40