Re-integratie van arbeidsongeschikte werknemers

Het KB gezondheidstoezicht is aangevuld met bepalingen over de re-integratie van arbeidsongeschikte werknemers: het re-integratietraject voor de begeleiding van langdurig arbeidsongeschikte werknemers en de rol van de verschillende betrokken partijen.

Wettelijk kader
Op 24 november 2016 is het KB van 28 oktober 2016 tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 mei 2003 betreffende het gezondheidstoezicht op de werknemers wat de re-integratie van arbeidsongeschikte werknemers betreft in het Belgisch Staatsblad verschenen. Het besluit wijzigt het KB gezondheidstoezicht door toevoeging van een afdeling 6/1. De nieuwe afdeling betreft de re-integratie van langdurig arbeidsongeschikte werknemers. Het re-integratietraject is niet van toepassing op wedertewerkstelling bij arbeidsongeval of beroepsziekte. Dit besluit treedt in werking op 1 december 2016.

Re-integratietraject op maat
De nieuwe afdeling voorziet in een re-integratietraject op maat dat beoogt langdurig arbeidsongeschikte werknemers te begeleiden naar tijdelijk of definitief aangepast of ander werk.
Bij voorkeur focust men op de re-integratiemogelijkheden van de arbeidsongeschikte werknemers bij hun eigen werkgever. Langdurig arbeidsongeschikte werknemers zullen vaak op termijn het overeengekomen werk kunnen hernemen, al dan niet na een progressieve werkhervatting.
Een bijkomend voordeel is dat de werknemer dan kan worden gere-integreerd in een professionele context die hem vertrouwd is en bij collega’s en een werkgever die hij kent en waarmee hij een band heeft, wat de kansen op een vlotte re-integratie verhoogt.

Rol van de arbeidsgeneesheer
De preventieadviseur-arbeidsgeneesheer speelt een sleutelrol in dit re-integratietraject. Hij kent de arbeidsomstandigheden en het werk in de onderneming en kan fungeren als gekend aanspreekpunt voor werkgever en werknemer.
Hij maakt ook deel uit van een multidisciplinair team binnen de interne of externe preventiedienst. Dit laat toe om indien nodig bv. ook ergonomen of preventieadviseurs gespecialiseerd in psychosociale aspecten in te schakelen.

Verschillende stappen
Deze nieuwe afdeling 6/1 legt alle stappen van het individueel re-integratietraject vast: opstarten, re-integratiebeoordeling, opmaken re-integratieplan.

Fase 1: Opstarten
De arbeidsgeneesheer start een re-integratietraject op verzoek van:
- de werknemer zelf of zijn behandelend arts (ongeacht de duur van de arbeidsongeschiktheid).
- de adviserend geneesheer van de mutualiteit
zal ten laatste 2 maanden na de aangifte van de arbeidsongeschiktheid nagaan of een arbeidsongeschikte werknemer in aanmerking komt voor re-integratie. Indien dit het geval is, zal hij het dossier van de arbeidsongeschikte werknemer overmaken aan de arbeidsgeneesheer.
- de werkgever
kan  vragen om een re-integratietraject op te starten ten vroegste vanaf 4 maanden arbeidsongeschiktheid.

Fase 2: Re-integratiebeoordeling
De arbeidsgeneesheer onderzoekt de mogelijkheid tot re-integratie samen met de betrokken werknemer, diens behandelend geneesheer, de adviserend geneesheer van het ziekenfonds, en eventueel ook met de preventieadviseurs psychosociale aspecten en ergonomen binnen de preventiedienst.
Deze beoordeling moet het mogelijk maken om te beslissen:
- of de werknemer op termijn zijn overeengekomen werk opnieuw zal kunnen uitoefenen, dan wel dat de werknemer definitief ongeschikt is voor het overeengekomen werk
- of er (tijdelijk of definitief) ander of aangepast werk kan worden gezocht.

Fase 3: Opmaken re-integratieplan
Op basis van de re-integratiebeoordeling door de arbeidsgeneesheer bekijken werkgever en werknemer samen welke concrete mogelijkheden er zijn voor aangepast of ander werk binnen de onderneming. De adviserend geneesheer van het ziekenfonds moet geraadpleegd worden in het kader van toegelaten arbeid of progressieve werkhervatting binnen de ziektewetgeving.
Gaat de werknemer akkoord, dan is er sprake van een re-integratieplan, dat op regelmatige basis zal worden opgevolgd, en dat indien nodig kan worden aangepast.
Komt er geen re-integratieplan, dan moet de werkgever motiveren waarom hij desgevallend geen ander of aangepast werk aanbiedt, of de werknemer waarom hij het re-integratievoorstel eventueel verwerpt.

Re-integratiebeleid
Er wordt daarnaast ook de nodige aandacht besteed aan het collectief kader. Werkgever en werknemers moeten een re-integratiebeleid uitwerken voor de onderneming, en het gevoerde beleid op regelmatige basis evalueren.

Bron: Koninklijk besluit van 28 oktober 2016 tot wijziging van het koninklijk besluit van 28 mei 2003 betreffende het gezondheidstoezicht op de werknemers wat de re-integratie van arbeidsongeschikte werknemers betreft in Belgisch Staatsblad van 24 november 2016 

 

 

: PreventMail 41/2016