Ongewone werkuren in de EU

De Europese Stichting voor de verbetering van levens- en arbeidsomstandigheden bracht onlangs een rapport uit over ongewone werkuren in de EU. Het rapport brengt niet alleen de ongewone werkuren in EU-landen, sectoren en bedrijven in kaart, maar heeft het ook over de moeilijkheden van bedrijven die ongewone werkuren hanteren. De krachtlijnen.

Enquête
In 2004 organiseerde de Europese Stichting voor de eerste keer haar ‘Establishment Survey on Working Time’ in 21 EU-landen: de 15 ‘oude’ lidstaten en 6 van de nieuwe lidstaten (Tsjechië, Cyprus, Hongarije, Letland, Polen en Slovenië). De enquête bestond uit een vragenlijst die in meer dan 21 000 bedrijven (‘establishments’), zowel in de privé- als de publieke sector, beantwoord werd. De vragen hadden betrekking op de werkuren en de ‘work-life balance’ in het bedrijf.

Wat zijn ongewone werkuren?
- overuren
- nachtwerk (van 22u tot 6u)
- weekendwerk (zaterdag en zondag)
- shiftwerk (‘veranderende’ werkuren)

Incidentie
Het voorkomen van ongewone werkuren is het meest afhankelijk van de sector waarin het bedrijf actief is. Het land waar het bedrijf gevestigd is, kan ook een invloed zijn, maar in mindere mate. De sectoren met de meeste ongewone werkuren zijn de horeca, de sector van gezondheids- en sociale diensten, en de transportsector.

Werken op zaterdag komt het vaakst voor in het Verenigd Koninkrijk, Cyprus, Frankrijk en Ierland, terwijl zondagwerk het meest gebruikelijk is in Zweden, Finland, Letland en opnieuw het Verenigd Koninkrijk. Ook qua nachtwerk scoort het Verenigd Koninkrijk het hoogst, gevolgd door Tsjechië en Zweden. Opvallend is dat voor zowel weekend- als nachtwerk drie zuiderse landen (Griekenland, Portugal en Spanje) zeer laag scoren. België bevindt zich steevast in de middenmoot. Shiftwerk komt het vaakst voor in bedrijven in Finland (27%), Zweden (25%) en Polen (24%). België zit met 18% net boven het Europees gemiddelde (17%).

Moeilijkheden
Bedrijven waarin minstens 20% van het personeel ongewone werkuren heeft, worden geconfronteerd met meer moeilijkheden dan bedrijven zonder ongewone werkuren. Het gaat dan vooral over ziekte, afwezigheid, motivatieproblemen en personeelsverloop. Zo is de waarschijnlijkheid dat een bedrijf in de problemen komt door ziekte en afwezigheid 1,6 keer groter in bedrijven met nacht- en shiftwerk dan in bedrijven zonder die ongewone werkuren. In bedrijven met nacht- en zaterdagwerk is de kans op motivatieproblemen van het personeel 1,5 keer groter dan in bedrijven zonder die werkuren. Ten slotte: hoe meer werknemers ongewone werkuren draaien in een bedrijf, hoe groter het personeelsverloop.

Compensatie
Gezien de moeilijkheden is de compensatie die werknemers krijgen om op ongewone werkuren te werken, zeer belangrijk. De meest gebruikelijke compensatie is extra loon, maar met de steeds ouder wordende arbeidskrachten is dat systeem niet vol te houden. Om dezelfde reden is ook vervroegd pensioen als compensatie steeds minder een optie. Zweden is totnogtoe het enige land met een alternatieve vorm van compensatie, namelijk minder contractuele werkuren in bedrijven met ongewone werkuren dan in bedrijven zonder ongewone werkuren (in het Verenigd Koninkrijk, bijvoorbeeld, is het aantal contractuele werkuren in beide soorten bedrijven niet verschillend). Daarom roept de Europese Stichting actoren op bedrijfs-, sectorieel en beleidsniveau op om na te denken over alternatieve vormen van compensatie voor ongewone werkuren.

bron: Extended and unusual working hours in European companies, Eurofound, 2007
 

: PreventActua 16/2007