Covid-19 en de taken van de preventiedienst

De opdrachten van de preventiedienst zijn bepaald in de codex over het welzijn op het werk. Ook tijdens de Covid-19-pandemie moet de interne dienst voor preventie en bescherming op het werk blijven functioneren om zijn opdrachten te vervullen.

Wettelijk kader
De opdrachten van de preventiedienst staan beschreven in de Codex welzijn op het werk (art. II.1-4 tot II.6) en zijn toevertrouwd aan de interne en de externe dienst voor preventie en bescherming op het werk. De mate waarin de opdrachten worden opgenomen door de externe dienst hangt samen met de grootte van de organisatie (zie ook ons artikel ‘Interne dienst in het centrum van preventie op het werk’). Maar zelfs indien de taken in grotere mate worden opgenomen door de externe dienst, blijft de interne dienst belast met het verzekeren van de coördinatie met en het geven van alle nodige informatie aan de externe dienst.
 
Werkloosheid
De maatregelen die genomen werden om de Covid-19-crisis te beheersen, hadden tot gevolg dat de productie in veel bedrijven sterk gereduceerd of zelfs helemaal stopgezet werd. Grote groepen werknemers kwamen in een stelsel van tijdelijke werkloosheid. Maar kan ook de interne preventieadviseur tijdelijk werkloos worden? In de praktijk zou dit kunnen, maar dan zou het werk helemaal moeten stilliggen. Indien er nog mensen aan het werk zijn – ook al is het slechts een kleine bezetting (die wel de continuïteit verzekert) – voert het bedrijf nog activiteiten uit en is een preventieadviseur dus vereist om de wettelijke opdrachten uit te voeren. De mogelijkheid van een deeltijdse werkloosheid blijft wel bestaan. In dat geval kan de interne preventieadviseur werkloosheidsdagen en arbeidsdagen afwisselen. Op die manier heeft hij/zij voldoende flexibiliteit om zijn/haar opdrachten te vervullen en is hij op zeer korte termijn beschikbaar.
De beslissing om de preventieadviseur in een stelsel van deeltijdse tijdelijke werkloosheid te plaatsen, kan niet eenzijdig door de werkgever genomen worden. Hiervoor is het advies nodig van het comité voor preventie en bescherming op het werk.
 
Rol van de preventieadviseur niet beperken
Het is belangrijk om de rol van de preventieadviseur niet zomaar te beperken. Tijdens de Covid-19-pandemie is het immers meer dan ooit nodig om aandacht te hebben voor veiligheid en gezondheid. Ook de afdeling Toezicht op het Welzijn op het Werk dringt erop aan om de rol van de preventieadviseur in deze periode niet te reduceren. De preventieadviseur heeft namelijk een sleutelfunctie in het bedrijf. Zelfs wanneer alle werknemers tijdelijk werkloos zijn, moet de preventieadviseur adviezen geven over de heropstart van het bedrijf. Om zo’n heropstart goed te laten verlopen, is het best om een werkgroep of een taskforce op te richten. Hier kunnen verschillende personen bij betrokken worden, zoals human resources en facility managers, maar ook de interne preventieadviseur (met het oog op het bepalen van de gepaste beschermingsmaatregelen).
 
Voor de preventieadviseur stopt het werk nooit
Als een groot aantal werknemers tijdelijk werkloos is, kan het zijn dat bepaalde opdrachten van de preventiedienst niet meer moeten uitgevoerd worden. Dat neemt niet weg dat andere opdrachten meer werk kunnen vragen. Bijvoorbeeld:
- het identificeren van de taken waarbij werknemers mogelijk een besmettingsrisico lopen;
- het identificeren van nieuwe risico’s door andere werkomstandigheden;
- het verlenen van advies rond de resultaten van het vaststellen van de risico’s, en het voorstellen van maatregelen;
- het verlenen van advies over de hygiëne op de arbeidsplaats;
- het verlenen van advies over het opstellen van instructies voor het gebruik (en de reiniging) van arbeidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen;
- het aanpassen van de organisatie van de eerste hulp;
- het onderzoeken van de werkposten, op vraag van de werkgever of van de betrokken werknemers, wanneer een werknemer wordt blootgesteld aan een verhoging van de risico’s of aan nieuwe risico’s.
 
Conclusie
De werkgever moet ook tijdens de Covid-19-pandemie op een preventieadviseur met het juiste opleidingsniveau kunnen rekenen, die te allen tijde beschikbaar is om zijn/haar opdrachten te vervullen (art. II.1-16, §2).
 
: preventActua 11/2020