Aansprakelijkheid [Hof van beroep te Gent, 17 juni 1999, n. g., nr 86 020] Feiten: een werknemer sterft tengevolge van het inademen van ammoniakgassen bij het reinigen van een mesttank. De werknemer verrichtte zijn taak zonder bescherming van een ademhalingstoestel, zonder reddingsgordel met schouderbanden en zonder veiligheidskoord. Bovendien was er niemand in de buurt om in geval van nood te helpen.  | Het Hof van Beroep te Gent veroordeelde de gedelegeerd bestuurder zowel wegens inbreuken op de oude Veiligheidswet als wegens onopzettelijke doding. De verdediging van de gedelegeerd bestuurder als zou hij vervolgd worden op basis van een ‘onbepaald verzuimdelict’ werd door het Hof niet aanvaard. Volgens het Hof verplichten het ARAB en de Codex - bovenop de naleving van precieze normen - de werkgevers om actief risico’s op te sporen en deze zoveel mogelijk uit te vermijden. Als het risico niet uit te sluiten blijkt, dienen persoonlijke beschermingsmiddelen ter beschikking gesteld te worden. De werkgever dient erop toe te zien dat deze op een rationele wijze gebruikt worden.
In casu ontbrak elke risico-evaluatie evenals persoonlijke beschermingsmiddelen. De gedelegeerd bestuurder was bovendien niet in staat om aan te tonen dat hij de werknemers had opgelegd om de reinigingswerken in duo uit te voeren. Hij werd veroordeeld tot 3 maanden met uitstel en een geldboete van 40.000 BEF.
(Bron: Chris Persyn, Burgerlijke aansprakelijkheid en strafrechterlijke verantwoordelijkheid inzake arbeidsveiligheid, Interprovinciaal congres van de comités voor de bevordering van de arbeid, Oostende mei 2000).
|